VOETREIS TEGEN VERGETEN
Wat blijft er van een mens over wanneer het geheugen begint te verdwijnen? In ‘Voetreis tegen vergeten’ reconstrueert een zoon de tocht van zijn vader, Fedde, die – geconfronteerd met dementie en een naderend einde – besluit te gaan lopen. Alleen. Met een rugzak, notitieboekjes en een hoofd vol herinneringen. Wat begint als een fysieke wandeling door het Drentse landschap wordt een mentale reis door een leven langs jeugd, vaderschap, maatschappelijke betrokkenheid, woede, mildheid, angst en liefde. De voettocht zelf raakt onvoltooid. Wat rest zijn schriftjes, losse aantekeningen en fragmenten. Vanuit die brokstukken probeert de zoon zijn vader opnieuw te begrijpen en vast te houden. Terwijl het geheugen van de een afbrokkelt, groeit bij de ander het besef dat vergeten niet alleen een neurologisch proces is, maar ook een essentiële angst: wanneer is iemand werkelijk weg. ‘In Voetreis tegen vergeten wordt op indringende wijze fictie en non-fictie verweven. Het boek gaat over herinnering en verlies, over ouder worden en afscheid nemen, over de vraag wat een mens nalaat wanneer woorden dreigen te verdwijnen. Een boek dat wandelt tussen essay, memoir en portret, even persoonlijk als universeel.’ (Uitgeverij Ambilicious)

Annen – Zijn vijfenveertigste boek ‘Voetreis tegen vergeten’ noemt de auteur Folkert Oldersma uit Annen zijn meest persoonlijke tot nu toe. ‘Op een zondagochtend was ik voor vierentwintig uur zomaar opeens mijn geheugen kwijt. Er was niets. Je functioneert, maar je legt niets vast. Achteraf besefte ik hoe bepalend ons geheugen is voor wie we zijn. Deze ervaring was aanleiding om me te verdiepen in de werking van het geheugen. Tijdens mijn research ontdekte ik hoe selectief onze hersenen zijn. Ze bewaren niet alles, vullen aan, verdringen en kleuren gebeurtenissen in. De hersenen kunnen zelfs een leugenmachine zijn, dus wat is eigenlijk waar? In tegenstelling tot mijn andere boeken begon ‘Voetreis tegen vergeten’ niet met een plot, maar met een vraag: hoe vertel je het verhaal van iemand die voelt dat zijn geheugen hem langzaam in de steek zal laten? Vervolgens ben ik gaan schrijven over het geheugen, herinneringen en vergaren van kennis. Wat gebeurt er wanneer je langzaam het vertrouwen in je eigen geheugen verliest? Maar het gaat ook over de behoefte iets van jezelf achter te laten. Alles wat je hebt meegemaakt, gevoeld en geleerd, is toch niet voor niets geweest? Het is een boek geworden waar ik trots op ben.’
In ‘Voetreis tegen vergeten’ reconstrueert een zoon de tocht van zijn vader, Fedde, die – geconfronteerd met dementie en een naderend einde – besluit te gaan lopen. Alleen. Met een rugzak, notitieboekjes en een hoofd vol herinneringen. Wat blijft er van een mens over wanneer het geheugen begint te verdwijnen? Wat begint als een fysieke wandeling door het Drentse landschap wordt een mentale reis door een leven langs jeugd, vaderschap, maatschappelijke betrokkenheid, woede, mildheid, angst en liefde. De voettocht zelf raakt onvoltooid. Wat rest zijn schriftjes, losse aantekeningen en fragmenten. Vanuit die brokstukken probeert de zoon zijn vader opnieuw te begrijpen en vast te houden. Terwijl het geheugen van de een afbrokkelt, groeit bij de ander het besef dat vergeten niet alleen een neurologisch proces is, maar ook een essentiële angst: wanneer is iemand werkelijk weg? Op weg naar plekken uit zijn verleden laat Folkert Oldersma zijn hoofdpersoon door Drenthe wandelen. Tijdens het wandelen dienen zich gedachten aan, roept het landschap herinneringen op en ontstaan onverwachte verbanden. Fedde is nieuwsgierig naar de wereld. Een straatnaam, een hunebed of een ontmoeting onderweg kan uitgroeien tot een verhaal. Het levert verhalen op over geschiedenis, taal, natuur of een gebeurtenis uit het eigen leven.
‘Het is geen autobiografie,’ benadrukt Folkert, ‘maar een verhaal waarin werkelijkheid en verbeelding elkaar aanvullen. Ik wilde een heel persoonlijk boek schrijven, maar tegelijk de vrijheid hebben om van de werkelijkheid af te wijken. Eerst was het een verhaal in de ik-vorm. Door de zoon als verteller te kiezen, veranderde het perspectief ingrijpend. Hij leest de achtergelaten schriftjes van zijn vader, probeert zijn gedachten te begrijpen en vult de hiaten aan met zijn eigen waarnemingen. Daarmee ontstaat niet één waarheid, maar meerdere werkelijkheden naast elkaar. Andere mensen kijken anders naar je dan jijzelf. Dat wilde ik laten zien. Hoe sta ik hier zelf in? Hoe denk ik dat ik omga met het nieuws dementie te hebben? Hoe kijk ik terug op mijn leven? Wat vind ik van belang om daarvan door te geven? Het boek gaat over herinnering en verlies, over ouder worden en afscheid nemen, over de vraag wat een mens nalaat wanneer woorden dreigen te verdwijnen.’

Drenthe, plekken met een verhaal
Auteurs: Menno van Veen en Folkert Oldersma Fotografie: Jelle Gebert
Weet u
-dat een Drents dorp ooit te boek stond als zeehaven?
-dat het meisje van Yde niet in Yde werd gevonden?
-waardoor de toren in Oosterhesselen los staat van het kerkgebouw?
-u waar de verhalen rond de witte wieven op zijn gebaseerd?
Drenthe kent veel plekken met aansprekende verhalen. Een standbeeld of gedenksteen, een bijzonder gebouw, een begraafplaats verscholen in een bos, een vreemde straat- of plaatsnaam; wat is het verhaal dat erbij hoort?
De schrijvers gingen op zoek naar opmerkelijke verhalen die in Drenthe aan bepaalde plekken verbonden zijn. Verhalen die vaak niet bekend zijn bij het grote publiek maar die wel het bijzondere van zo’n plek naar voren halen. Komen naast onbekende ook relatief meer bekende verhalen aan bod, dan wordt er een ander en soms nieuw licht op geworpen.
De toegevoegde fietsroutes en de exact aangegeven plaatsbepalingen maken het mogelijk de plekken te bezoeken.
De onderwerpen in ‘Drenthe, plekken met een verhaal’ zijn zeer gevarieerd: waarom heet een bepaalde straat zo, waarom staat een Chinees paviljoen bij een boerderij en waarom een kerk ver buiten het dorp? Een joodse begraafplaats, een dichteres in Roden, onderduikersholen, bluesmuziek, een café, volksverhalen, strijd om hoge kerktorens, het hallenhuis, een natuurgebied dat een archeologisch reservaat blijkt te zijn, een veenbrug, Drentse cowboys, een schans die wellicht geen schans was, nepboerderijen bij vliegveld Eelde, duivelsroosters bij kerken, uitkijktorens om de Russen in de gaten te houden, een boerenopstand, grensmarkeringen, antennes van een ruimtetelescoop, …
LEREN ONDERZOEKEN (co-auteurs Henk de Vries en Jimke Nicolai)
Leren Onderzoeken binnen Wetenschap en Techniek op de basisschool is geschreven voor iedereen die bij kinderen het wetenschappelijk denken en redeneren wil stimuleren en daarbij het Wetenschap- en Techniekonderwijs vorm wil geven. Kinderen aan het denken zetten. Dat is het hoofddoel dat de auteurs met hun aanpak rond Leren Onderzoeken willen bereiken. Kinderen laten ontdekken dat ze via onderzoek hun wereld kunnen vergroten. Leerlingen leren in zeven stappen vragen en problemen op het gebied van Wetenschap en Techniek onderzoekend te benaderen. Met behulp van dit boek bent u in staat een belangrijk deel van het Wetenschap- en Techniekonderwijs op de basisschool te vullen. Het bevat handleidingen, reikt achtergrondinformatie aan en geeft aanwijzingen voor het samenstellen van lessen en leerlijnen. (Uitgeverij Levend Leren)
N.B. Dit boek is uitverkocht, maar bij Levend Leren als pdf te bestellen.
KNAP LASTIG? (co-auteur Heidi Rubingh)
Knap lastig? (Praktische oplossingen voor het werken met meer- en hoogbegaafde leerlingen in de basisschool) is bedoeld voor de leraar en aanstaande leraar die meer wil weten over het onderwijs aan (hoog)begaafde leerlingen. Dit boek geeft antwoorden op vragen als: – hoe herken je een hoogbegaafde leerling? – wat heeft de hoogbegaafde leerling nodig? – wat heeft de leerkracht nodig om uit de voeten te kunnen met de meer- en hoogbegaafde leerling? – waaraan moet goed lesmateriaal voor excellente leerlingen voldoen? – hoe ontwikkel je zelf geschikt lesmateriaal? -wat is een goed indicatie-, een goed signaleringsinstrument? – hoe organiseer je het onderwijs aan meer- en hoogbegaafde leerlingen op je school? – hoe bouw je op school samen aan een visie? -hoe betrek je ouders bij je aanpak? (Uitgeverij Levend Leren)
KNAP, leren leren om te kunnen leren (Co-auteur Dick Kooistra)

Intelligente kinderen leren gemakkelijk waardoor de kans bestaat dat ze de zg. metacognitieve vaardigheden niet ontwikkelen, hetgeen deze kinderen later bij een vervolgstudie kan opbreken. ‘KNAP, leren leren om te kunnen leren’ is een losbladige bundel die een vijftal onderzoeken bevat, elk onderverdeeld in gevarieerde oefeningen. De kinderen voeren de onderzoeken zelfstandig uit en krijgen daarmee inzicht in hun eigen leren en hun hoge intelligentie. (Uitgeverij Levend Leren)
